Onder de wilde stammen op de grenzen van Afghanistan, page 19 by T.L. Pennell
<< Return to Title Details & Download20
ard van den grond, wordt er aan eenen kant een nis uitgehold, gewoonlijk aan de westzijde, en het lijk wordt gelegd in de nis, met het gelaat naar Mekka gekeerd. Er worden dan steenen om den rand van de nis gelegd, zoodat als de aarde in de opening wordt geworpen, er niets op het lijk komt, dat enkel is gewikkeld in een laken, daar doodkisten nooit worden gebruikt.
Er worden allerlei wonderen verteld van de graven van heiligen, en wel het algemeenst is het geloof, dat ze in lengte kunnen toenemen, en dat die toeneming een bewijs is voor de aanneming van de gebeden van den gestorvene door den Almachtige. Naast het zendingshuis in Peshawer was zulk een graf, dat ieder jaar een voet langer werd. Toen het zeven-en-twintig voet lang was geworden, was het vooruitgedrongen tot aan den openbaren weg, en eerst nadat er een officiëele order was uitgevaardigd door de districtsautoriteiten, dat de verdere groei van den heiligen man moest ophouden, hield het graf met groeien op. Dat graf is in den omtrek nog bekend als het Negenellengraf en wordt door een groot aantal geloovigen ieder jaar bezocht in de hoop, dat het hun voordeel zal aanbrengen.
Het gebruik van toovermiddel en of amuletten is algemeen. De kinderen van de rijken kan men zien met colliers van amuletten, geborgen in kleine zilveren doosjes, om den hals, terwijl zelfs de armste arbeider een amulet heeft, gewikkeld in een stukje leêr en gedragen om den hals of om den arm gebonden. Die amuletten zijn meestal verzen uit den Koran, overgeschreven door den een of anderen beroemden mollah en door hem gezegend; andere zijn kabbalistische zinnen of woorden, terwijl weer andere gewone lapjes zijn of stukjes papier, die door een heilig man gezegend zijn.
Bij meer dan één gelegenheid heb ik mijn recepten tot amuletten verheven gezien, omdat de zieke meende, dat dit meer zou helpen, dan te gebruiken wat het hospitaal hem aan geneesmiddelen meegaf. Een patiënt verzekerde mij, dat hij nooit meer last van rheumatiek had gehad,