Een jaar in de Molukken, page 109 by H.R. Roelfsema
<< Return to Title Details & Download110
e dier scherpe gezichten, die onder den witten tulband met gesloten oogen naar den hemel wezen of zich ter aarde bogen in diepste verootmoediging. Dat Allah voor hen groot was, heel groot, oneindig, onbegrijpelijk groot, hoog boven de menschelijke sfeer en ons weten, zeiden ze zoo duidelijk in hun gebarentaal en door den klank hunner stemmen, dat men de taal zelve niet behoefde te verstaan.
In het midden hunner voorhoofden waren twee eeltplekken, ontstaan door de geregelde soms vrij onzachte aanraking met den grond. Ook bij den Sultan van Batjan had ik die eeltplekken daar als twee wratten opgemerkt. Of bij velen dat eelt als bewijs hunner vroomheid alleen door die vrome handelingen is gegroeid en niet door een of andere kunstbewerking, blijft voor den twijfelaar altijd nog een vraag.
Toen de avond viel, werden de lichten aan boord opgestoken en zocht ieder een zoo gemakkelijk mogelijk plaatsje. Overal aan dek lagen de menschen languit op matrassen en matjes, zoodat men zich niet verplaatsen kon zonder over lichamen heen te moeten stappen. Op mijn vouwstoeltje ging ik, als al de anderen, onder den blooten hemel den nacht in, dommelend en droomend onder het eentonig gestamp der machine. Den ganschen nacht stampte zij door, den ganschen nacht lag ik daar, soms wakend en naar de heldere sterren kijkend en naar de zwarte silhouetten der bergen tegen de lichtere lucht, soms droomend van huis en van Europa, in het zalige visioen van een spoedigen terugkeer.
Toen het morgen werd en de zon achter de bergen van Halmaheira verrees, bleek het dat we nog steeds tusschen eilanden stoomden, doch nu met de piek van Tidore in groote verte reeds op den achtergrond. Geheel er door bedekt, moest daarachter de vulkaan van Ternate liggen, die, na Tidore gepasseerd te zijn, van dichtbij hoog boven het zeevlak zou verrijzen.
Het duurde nog uren alvorens we het hoofdplaatsje Soa-Sioe aan den oostelijken voet van Tidore's vulkaan voorbij voeren. In schroeiende tropische hitte lag het daar, onbeschut tegen