20.000 Mijlen onder Zee: Westelijk Halfrond, page 179 by Jules Verne
<< Return to Title Details & Download180
t omringende groene zeewater bijzonder af. De grensscheiding tusschen dit water is zoo juist afgebakend, dat de Nautilus op de hoogte van de Carolinen met den voorsteven in den Golfstroom was, terwijl de schroef nog de golven van den Oceaan doorkliefde.
Deze stroom sleept een gansche wereld van levende wezens met zich. De argonauten, die in de Middellandsche Zee nog al eens voorkomen, zwommen er bij groote troepen. Allerhande soorten van visschen, roggen, haaien enz. spartelden verder om ons heen, en 's nachts lichtte het water van den Golfstroom zóozeer, dat het in licht met onze lantaarn wedijverden, vooral als ons stormachtig weder dreigde, zooals nog al dikwijls gebeurde.
Den 8sten Mei waren wij op de hoogte van kaap Hatteras, bij de Noordelijke Carolinen. De Golfstroom is daar 300 kilometer breed en 200 meter diep. De Nautilus bleef in het onzekere rondvaren; alle waakzaamheid scheen aan boord te zijn opgeheven. Ik moet bekennen dat onder zulke omstandigheden de vlucht kon gelukken. De bewoonde kust toch bood overal een veilig toevluchtsoord aan. De zee werd onophoudelijk doorkruist door een groot aantal stoombooten, die tusschen New-York of Boston en de golf van Mexico dienst doen, en nacht en dag bevaren door schoeners, die op de Amerikaansche kust voor kustvaart worden gebruikt. Wij konden dus wel verwachten goed te worden ontvangen. Het was derhalve een gunstige gelegenheid, niettegenstaande de dertig kilometer, die den Nautilus van de kusten der Vereenigde Staten scheidden.
Een noodlottige omstandigheid echter werkte de plannen van den Amerikaan tegen: het weder was zeer slecht; wij waren in die streken waar stormen dikwijls voorkomen en de cyclonen ontstaan, die door den Golfstroom worden veroorzaakt. Het was in een zeker verderf loopen, zich in een kleine boot op zulk een zee te wagen; Ned Land moest dit bekennen; derhalve kropte hij zijn leed op, want hij had een hevigen aanval van heimwee, waarvan de vlucht hem alleen had kunnen genezen.
"Mijnheer," zei hij eens, "